Werkwijze
Ik ben niet gebonden aan bepaalde materialen, formaten of technieken. Alles is mogelijk, als het maar een functie heeft.
Ik gebruik olieverf, acryl, vaak gemengde technieken. Diverse druktechnieken waaronder linosnede. Soms teken ik een deel van het schilderij (afb. 1 detail ROZE BAND). Ook maak ik collages.
De drager is meestal linnen, soms papier of hout.
 
Voorheen zette ik veel op het doek. Tegenwoordig probeer ik me te houden aan het ‘less is more’ devies, waarbij ik heel persoonlijk werk maak dat veel vertelt met weinig middelen. Een paar jaar geleden schilderde ik abstracter, ‘mooier', mannelijker en minder kwetsbaar.
Misschien ook wel kleurrijker. Door de jaren heen wordt mijn werk minder stoer. Ik heb flink wat lagen afgepeld en wil meer van mezelf laten zien.
 
Het onderwerp komt altijd uit mijn persoonlijke herinneringen. Soms kies ik ervoor, soms dient het zich aan. Meestal maak ik een serie werken met een onderwerp, dat gedurende die periode (een jaar of langer) in mijn werk terug te vinden is.
Zoals de serie ‘PAARDEN’ (afb. 2 PAARD MET BRUIDSKLEED, afb. 3 KANTEN PAARD), ‘JURKJES’,(afb. 4 WITTE JURK)
‘ZINTUIGEN VAN DE ZIEL’ (afb. 5 HOREN, afb. 6 STOMME FILM, afb. 7 ZELFPORTRET) en ‘AMELAND’. (afb. 8 SILO’S en afb. 9 SCHETSBLAD)
 
Als leidraad gebruik ik soms ‘iets’ uit mijn omgeving. Bijvoorbeeld zo’n poppenjurkje,ooit gehaakt toen ik acht was of een poppenschoentje. (afb. 12 uit serie EERSTE STAP) Volkomen abstract werk wil ik niet maken. Al lijkt het voor een ander soms wel zo, voor mij heeft het altijd een betekenis. Ik heb dat voorwerp of idee nodig om verantwoording naar mezelf af te kunnen leggen. Maar ik mag wel verbeelding toevoegen. Het mooist zijn misschien wel de onverwachte vondsten. Zoals dat schoentje dat lijkt te schreeuwen. (afb. 13 uit serie EERSTE STAP) En de combinatie van materialen benadrukt dat.
lk gebruik dus veel autobiografische elementen, maar het is heel belangrijk dat het beeld op zich zelf staat, dat iedereen het beeld op zijn eigen manier in kan vullen.
Als ik schilder, hoop ik altijd dat niemand me stoort. Het is niet: ik doe maar gewoon wat. Er is altijd de aarzeling en de afweging: is dit goed? Wil ik het wel zo? Ik moet er met mijn hele hebben en houwen in, een uitstapje maken gaat ten koste van de concentratie.
Als schilder moet je in staat zijn je intuïtie en gevoel te durven volgen. Maar je moet ook op tijd je verstand inschakelen, om te controleren of het nog klopt wat je doet. Dan gaat het om dingen als kleurencombinaties, compositie, technieken en verhoudingen. Als je alleen met je intuïtie en je gevoel werkt wordt het werk te zweverig en vormloos. Als je alleen met je verstand werkt bereik je niemand. Mijn werk is een daad van communicatie. Ik probeer een eerlijk, persoonlijk en volkomen eigen verhaal te vertellen. Daar ben ik schilder voor. Mijn werk spreekt een taal waarmee ik anderen wil bereiken. Mensen die er open voor staan. Die naar mijn werk kijken en zich dingen afvragen. Bevalt het me? Vind ik het mooi geschilderd? Wat vind ik van de kleuren? Zegt het me wat? Herken ik mezelf erin?
 
Van mijn kant vraag ik me voortdurend af: spreek ik mijn eigen taal nog? Of is het de taal van een ander? Natuurlijk kijk ik ook bij andere schilders. Ik ben bijvoorbeeld weg van het werk van de Chinese schilder Zhuang Hong Yi. Maar door de jaren ontdek ik wat ik te zeggen heb. En hoe ik dat wil zeggen. Mijn laatste werken (zomer 2009) zijn erg persoonlijk. Ik heb er zelfportretten uit m’n jeugd in verwerkt. Dat is spannend, maar geeft ook veel voldoening. (afb. 14 detail ROZE BAND, afb. 15 detail RODE ROZEN)
 
Werk in opdracht
Af en toe maak ik werk in opdracht. Het is een spanningsveld, want enerzijds moet het voldoen aan de wensen: de opdrachtgever heeft bij voorbaat iets in zijn hoofd. Anderzijds moet het gewoon een goed schilderij zijn. Tijdens het proces probeer ik uit te leggen waarom ik de dingen doe die ik doe. Het gaat niet om dat ene kleurtje in een schilderij. Het gaat om onderlinge verhoudingen. Een schilderij gaat soms een kant uit die je niet gepland hebt. Als ik mag improviseren dan ben je bij mij helemaal aan het juiste adres voor een schilderij of bijvoorbeeld een kunstboek. ( afb 16, 17, 18, 19, 20. kunstboek)